Home Historie Artiesten Nieuws Beeld  Kunst Agenda Links

 

Adresgegevens:
Papelaan W 220,
2254 AL Voorschoten.

Impresario: Henri Boshouwer Kroet

 

Telefoonnummer:
071-5617417
06-25358951


E-mailadres:

impresariaat@toonzetter.nl

Nieuws

Muziek zette Keukenhof in bloei


zangeressen Tanja Goutier en Annet de Mos

Twee sopranen en een pianiste
zorgen voor schitterende avond

De lente laat op zich wachten en daarmee de vrolijke, uitbundige bloei van crocussen, hyacinthen, narcissen en tulpen. Op woensdagavond 28 maart jl. was in het koetshuis van kasteel Keukenhof in Lisse van gebrek aan uitbundigheid geen sprake. Daar bloeide in het Lenteconcert de muziek zoals de componisten het hebben bedoeld: fel, meeslepend en soms weemoedig. De sopranen Tanja Goutier en Annet de Mos, zeer muzikaal begeleid door de Russische pianiste Tatiana Kiourou, zongen met een verbluffend gemak en een acteertalent dat bijzonder mag worden genoemd, de mooiste liederen uit het opera- en operetterepertoire. Begonnen in operettekoren en deskundig verder geschoold, bezitten zij alle kwaliteiten voor een verdere uitbouw van hun carričre.

Voor de pauze zong Tanja Goutier helder en expressief het bekende Una voce poco fa uit Il Barbiere di Siviglia van Rossini, gevolgd door So anch’io la virtů magica uit Donizetti’s Don Pasquale, waarin Annet de Mos een gloedvolle Norina neerzette. Samen zongen zij Der Hölle Rache kocht in meinem Herzen uit Mozarts Die Zauberflöte en Tanja Goutier dreigde in een lastige passage enig volume tekort te komen, maar herstelde dit goed. Na Stizzoso, mio stizzoso uit La Serva Padrona van Pergolesi en Oh mio babbino caro uit Gianni Schicchi van Puccini was in het intermezzo de pianiste Tatiana Kiourou aan de beurt. Zij speelde met veel plezier de Bloemenwals van Tsjaikovski. Het was een openbaring deze vaak gehoorde muziek zo muzikaal te horen vertolken en dat gold ook voor het intermezzo met muziek uit Friska van Liszt. Alle facetten waren daarin te horen. Afwisselend zongen de dames daarna Mozarts Sull’aria uit Le Nozze di Figaro en Vedrai carino uit Don Giovanni en dan was er ook nog Summertime uit Porgy and Bess van Gershwin. Door Tanja Goutier mooi warm gezongen riep het een zomergevoel op met rijpend koren. Schitterende muziek, en dat kon ook worden gezegd van het Drinklied uit La Traviata van Verdi en het weinig gehoorde duet Ich bin die erste Sängerin uit Der Schauspieldirektor van Mozart. Grandioos acterend probeerden de sopranen elkaar de loef af te steken tot de piano met een gebiedend pianissimo ingrijpt.

Na de pauze kwamen de dames in het wit op en brachten de beste melodieën uit de operettewereld op de planken. Spiel’ich die Unschuld vom Lande en Mein Herr Marquis, beiden uit Die Fledermaus van Johann Strauss en Heia, heia in den Bergen uit Die Csárdásfürstin van Kálmán is pure muziek die vrolijk aandoet, maar altijd een weemoedige ondertoon heeft. Dat was goed te horen in het gevoelig zingen van Annet de Mos in de aria Höre ich Zigeunergeigen uit Gräfin Maritza van Kálmán. Hör’ich Cymbalklänge uit Zigeunerliebe van Lehár was meeslepend, terwijl Draussen in Sievering uit Die Tänzerin Fanny Elssler van Strauss en het Viljalied uit Die lustige Witwe van Lehár prettige meezingers waren. Dat kon ook worden gezegd van het laatste lied van de avond: Tanzen möcht’ich uit Die Csárdásfürstin van Kálmán. Een avond puur musiceren dus, waarop weinig viel aan te merken.        

Ruud Braggaar
freelance journalist, Voorschoten